De Intocht

 

 

Achterin de auto beginnen m'n jongste dochter en haar vriendin een gesprekje over Sinterklaas. 'Ik geloof niet meer, zegt haar vriendin, maar ik moet van m'n moeder.... anders is het zielig voor m’n zusje.' Ik kijk even op en ze kijken naar me via het spiegeltje. 'Ik geloof nog wel, zeg ik, 'sommigen zeggen dat het niet waar is maar dat kan me niks schelen.'  Ze beginnen te praten over wat je wel en niet mag geloven en welke gevolgen dat dan heeft voor de cadeautjes die komen. We zijn het er over eens het ons vooral om de cadeaus, de verrassingen te doen is. Dat het spannend is omdat je niet weet wat je krijgt, en dat die spanning leuk is, leven geeft.

 

Later aan de keukentafel komt het kinderfeest weer ter sprake, de jongste  vraagt me wat er aan de hand is met zwarte piet en waarom mensen daar boos over zijn. Ik vertel haar dat sommige mensen boos en verdrietig zijn omdat zwarte piet voor hen verwijst naar de geschiedenis van slavernij, een pikzwart deel van de geschiedenis van het volk waartoe we behoren. Ze kijkt me aan, en ik zeg: 'De pijn van de slavernijgeschiedenis zit in het bloed van die mensen en zwarte piet doet hen daaraan denken. Ze vinden dat zwarte piet racistisch is.’ Ze denkt er even over na, en zegt dan: 'Maar het is toch geacteerd, het is toch niet echt?'

 

Hmm ja, zeg ik, 'het een toneelspel, maar sommige mensen kunnen wat echt is en wat gespeeld niet scheiden, wat gespeeld wordt doet hen pijn.'  Ze vraagt door: 'Maar witte en donkere mensen horen er toch allebei bij in de wereld? Dus dan is het toch mooi dat de pieten zwart zijn?' Stilletjes geniet ik van de puurheid van deze opmerking. Ze vervolgt met '....en trouwens ik zie op het nieuws steeds witte boze mensen?!' Ja, zeg ik,'die mensen zijn ook boos, omdat ze vinden dat alles moet blijven zoals het was. Ook zij hebben denk ik moeite met spelen en met het onderscheid van wat gespeeld is en wat niet. En ergens gaat er iets mis, mensen jutten elkaar op en dat leidt tot botsingen. Mensen gaan er elkaar er zelfs om haten. Ze schrikt op, ze ziet de wereld niet in wij en zij.

 

Na een paar minuten zegt ze: 'Wat vind jij?' waarop ik zeg: 'We zitten in een tijd van veranderingen en je leert de mens meestal goed kennen als er veranderingen in hun leven komen. Sommigen raken verbitterd, geven anderen de schuld, sommigen keren naar binnen en vinden zichzelf terug en pakken het nieuwe leven op.’ Ik kan nu ook een hele verhandeling over de mogelijke geschiedenis van het ontstaan van het volksfeest houden. Ik denk aan sprookjes zoals Vrouw Holle, de Schimmelvrouw en ander oeroude europese sprookjes die ver voor het christendom belangrijke verbindende verhalen waren, die als reflectie fungeerden voor mensen die naar binnenkeerden om zichzelf te hervinden als de seizoenen wisselden. Een verhaal van vruchtbaarheid, waar alle rituelen rondom kerst, pasen, zonnewende enzo ook op geënt zijn, en die dienden om het leven in het hier en nu te bezegelen. Dat door de tijd heen de verhalen wel bleven, maar mensen er nieuwe vormen aan gaven. Maar dat laat ik maar even achterwege. Geschiedenis is net als waarheid nauwelijks te bevatten.

 

Ik voeg nu enkel toe dat als je iemand anders pijn doet met je gedrag, en je er weet van hebt, je je conclusie moet trekken. Soms is het dan beter je pad te verleggen, en dat kan alleen als je daarvoor ruimte hebt in je hart. 'Ja, zegt ze, ik concludeer ook iets. Ik kijk op. 'Ja, ze zegt 'Het is beter dat Sinterklaas in het vervolg zwart is en de pieten wit. Zo laten we zien dat elke kleur erbij hoort en het niet uitmaakt welke kleur je bent. Dan hoeft er ook niemand meer boos of verdrietig te zijn.’ Ik hoor haar kinderhart, dat niemand wenst uit te sluiten kloppen. En de mijne.. maakt een sprongetje.