Rondjes


In het pretpark waar ik omwille van mijn dochters ben, loopt een bekende nederlander rond. Niet zomaar iemand, een schaatser met olympisch goud op zak. Het park is groot genoeg om hem een paar keer tegen te komen. We maken een paar rondjes.

De eerste keer dat ik de man zie, denk ik ' Goh, da's toch die-en-die?' waarna ik het bij het tweede rondje aan mezelf bevestig. Het is hem echt! De man is met zijn familie op stap. Hij gaat net als ik in de achtbaan en even later zie ik hem ook in de wildwaterbaan. Een mens. Het is er zo een waar ik van aangezicht tot aangezicht nog eens tegen zou willen zeggen dat ie zo'n toffe gozer is, en dat ik veel waardering heb voor wat hij heeft gedaan. En dan?

We lopen naar het spookhuis. Even later schieten er beelden voorbij van toen ik als kind een handtekening aan Johan Cruijff vroeg. Dat was alsof ik in eigen dorp, even in een andere wereld stapte. Ik betwijfelde later of hij het leuk vond dat ik hem toen aanschoot, en daar kom je ook nooit achter.

De overvloed aan volk en prikkels zorgen ervoor dat mijn kaars vanaf 13 uur langzaam dooft. Ik word steeds stiller, en bijt op m'n tanden. Ik wil het tot de laatste ronde volhouden. Als we na een pauze uit de bootjes stappen, vraagt mijn jongste dochter waar ik heen wil. Slik. Ik zeg: 'Waar ik nu heen wil is vandaag niet van belang, ik ben hier voor jullie. 'Ja, zegt ze, 'maar ik wil dat jij het hier ook fijn hebt.' Ik kijk haar aan en herhaal dat ik hier vandaag voor haar ben. Als je iets wilt doen wat ik leuk vind, gaan we naar door recreanten gemeden en/of verlaten plekken in de natuur. Dat laatste zeg ik er niet bij. Ze weet ook wel dat de stelling dat als kinderen het naar de zin hebben, de ouders dat ook hebben vaak flauwekul is. Huisdieren en kinderen eisen je vrijheid op. Dat doet overigens niets af aan hun pret die ik hun van harte gun.


Om 16 uur plof ik op een bankje, waar ik niet meer van af wens te komen. Er zijn geen cameraploegen, geen opdringerige journalisten, geen fans. Geen medaille. Wel een puber. De oudste schuift na haar rondjes met vriendin ook bij ons aan. 'Ga eens normaal zitten, hoor ik haar zeggen, gevolgd door: 'Ik schaam me voor je, niet omdat ik een puber ben, maar omdat jij zo bent.' Steengoed. 


 Morgen een verkoeverdag. Vanuit mijn ooghoek zie ik hoe de man met olympisch goud nog een keer voorbij loopt. Mijn waardering voor hem blijft anoniem. Hij zal het nooit weten.