Doen waar je hart van oplicht

 

Als we in de auto zitten om onze jongste dochter op te halen, zegt hij: 'Ik moet je wat vertellen.' Hij klinkt serieus en boos. 'Afgelopen weekend zijn er dingen gebeurd op het kamp van onze dochter. De leidster van het kamp heeft mij en alle andere 24 ouders daarover gebeld.' Ik hoor het aan terwijl we richting Ermerstrand rijden. Het is stil als we aankomen bij het Ermerstrand. Bijna eng. 'Blijkbaar komt hier niemand, als je niet voor het parkeren hoeft te betalen,' zeg ik. We lopen naar de zaal bij de receptie en daar hoor ik meer over het verloop van het dansweekend - dat geweldig georganiseerd is door Summer Dance Holiday

 

Evelien vertelt. In het huis waar de groep van mijn dochter sliep is bij de andere groep in het huis tot diep in de eerste nacht veel lawaai geweest. Het betreft een groep met oudere kinderen. De groep van mijn dochter slaapt daardoor slecht. Dat is balen; de kinderen zijn hier om te doen waar hun hart van oplicht: dansen. De tweede nacht gaat het weer mis. Net als de kinderen slapen, bonken de kinderen van de andere groep op de ramen van de slaapkamers. Het is donker. Er is paniek, vooral bij de allerjongsten. De leiding stelt ze met de oudsten gerust. Voor het gevoel van veiligheid worden de oudsten nu verdeeld over de slaapzalen. Iedereen gaat weer slapen. Om half drie 's nachts slaapt de groep weer. Gelukkig. Morgen gaan ze weer dansen. Daar hebben ze allemaal heel veel zin in.  

 

Aan de andere kant van de muur is het echter nog steeds onrustig. De leiding van die groep zit buiten, verder weg van de slaapzaal. Het is er gezellig voor ze, zo begrijp ik uit de woorden van de organisatie. Verder is het stil in Drenthe. Heel stil. Als de eerste dromen van de slapende kinderen zich aandienen is er plots weer veel lawaai op het Ermerstrand. Brandalarm! Het joelt heel hard door het gebouw. De kinderen schrikken op uit hun slaap. Nee, er is geen brand maar opnieuw is er paniek bij sommige kinderen. Opnieuw weten sommigen zich geen raad. Opnieuw moet de leiding de kinderen samen met de oudsten de kinderen gerust stellen. Dat is heel hard werken voor Evelien, Sanela, Yuping, Ruth, Kelsey en Sandra. Ondertussen zit de leiding van de andere groep op de veranda aan de andere kant van het gebouw. Volgelopen met gezelligheid. Wonderwel lukt het de vrouwen om midden in de nacht de groep kinderen weer rustig te krijgen, en om half vier vallen de dansers en de leiding in slaap. Eindelijk.

 

Ik zit in de zaal, en hoor de gebeurtenissen aan. De leiding meldt dat ze het gevoel van veiligheid bij de kinderen niet heeft kunnen garanderen, door toedoen van de andere huurders van het gebouw.  De calamiteitencentrale van het park en de politie zijn er bij geweest. Die hebben naar eigen zeggen hun verantwoordelijkheid genomen. Alles is besproken en voor hen is het uit de wereld. Daarmee is het verhaal afgelopen.

 

Maar niet bij mij, van binnen kookt het nu.. en ik zie dat ik niet de enige ben. In de tijd van voor de beschaving hadden de mannen van de stam nu met vuisten dit onrecht recht gezet, maar nu zijn we er als ouders stil van. Wat kun je ook doen als anderen hun verantwoordelijkheid niet nemen? Wij, en de zes vrouwen die alles hebben gegeven om onze kinderen een prachtig weekend te bezorgen staan met lege handen. Ik kan alleen schrijven dat ik grote bewondering heb voor de manier waarop ze hebben gehandeld. De kinderen ook. Ze staan met hen voor ons in de zaal van een troosteloos Ermerstrand.

 

Er klinkt applaus.

 

Een vreemdsoortig applaus, alsof de spookachtige stilte op het park vat op ons heeft gekregen. Wat is hier toch gebeurd? denk ik terwijl ik naar het bijna verlaten strand kijk. Als ik weer bijdraai naar de zaal gaat de muziek weer aan. De kinderen laten zien wat ze hebben geleerd van verschillende dansdocenten. Al dansend verlichten ze de ruimte. Ze stralen. We genieten met hen.

 

Tot slot gaan ze in een kring staan en slaan ze de armen om elkaar heen. Spontaan. Jongens, meisjes, leiders. Ze zingen samen heel hard mee met Someone You Loved  (Lewis Capaldi). Ik kijk op samen met de andere ouders. Hier gebeurt iets heel moois. Het stroomt. Het is alsof de tijd even weg is. En ik bedenk me hoe het is om die kring te staan.... 

 

Misschien gaat het hier om, denk ik door m'n tranen heen. Dat je het samen doet. Dat je er voor elkaar bent.

 

Ik veeg m'n gezicht weer droog. De groep die ongevraagd de energie van onze kinderen nam ben ik even vergeten.