Tips voor de mentor

 

Het allerpijnlijkste en allermooiste dat ik mijn jonge leven tot nu toe mocht doen, is de uitvaart van een klein meisje. Veertig dagen oud werd ze. Hartverscheurend om een klein kindje te moeten loslaten. Wat moet je zeggen? Wat kun je doen?

 

We zaten met elkaar om de tafel. Ik was net klaar, of bijna klaar met mijn opleiding theologie. Ik kon ook niemand anders verzinnen die dit moest doen, ik moest dit doen. Het leven, zo kwetsbaarheid en broos. Dat komt dan ineens zo dichtbij. Mijn hart stond helemaal open, en dat van de mensen om haar heen ook. Alles maakte indruk, van de eendjes die voorbij kwamen in de vijver... hoe het licht viel die dag. Eind december. Ik weet nog hoe ze in haar mandje lag, en hoe we naar elkaar keken. Om maar wat te noemen. Herinneringen die mijn geheugen nooit meer verlaten. De woorden kwamen en het ritueel volgde. Het leven en de dood heel dichtbij.

 

Ik zou vaker terug willen denken aan deze dagen, vooral als ik me zinloos voel, want die dag kreeg mijn leven meer dan ooit zin. Die dagen zo pikzwart stond ik in het licht, en het is met zoveel dankbaarheid en eerbied dat ik daarop terugkijk. De blik en het gelaat van een baby laat je nooit meer los. Het zegt alles over ons. Ze vertelt ons over onze eigen kwetsbaarheid, maar ook over je eigen schoonheid en goedheid. Dat doen kinderen voortdurend. Ze openen je hart en spiegelen het gevoelsleven van de wereld. Een appel die je niet kunt negeren.

 

Van de bijna veertig jaar dat ik zelf onderwijs heb gevolgd, heb ik het meeste niet van professoren, wijsgeren, goeroes, coaches of leraren geleerd. De belangrijkste lessen leerde ik van kinderen. Zo leerde ik van hen over de kracht van het lichaam, over lichamelijkheid, over grenzen, over mijn falen, over alles wat ik niet kan, maar vooral over alles wat het leven zo'n mooie kleur geeft.

 

Nu vraag je me of ik nog tips heb voor het onderwijs. Ik denk niet dat ik iets toe te voegen heb aan alles wat er al geschreven is over onderwijs in Nederland. Zoals ik al zei; ik heb grote bewondering voor mensen die in het onderwijs werken. Wat rest is je mijn herinnering te delen, dat moment dat ik als nooit tevoren ervoer dat ik als mens een plek heb op deze wereld. Dat ik er toe doe. Misschien raakte ik in die dagen de kern van mijn bestaan.

 

Dat wens ik ook hen toe van wie ik het meeste leerde; dat er dagen zijn en komen dat hun eigen kern wordt aangeraakt. Dat er mensen zijn die hen helpen die kern te vinden. Die unieke plek zoeken en soms het gevoel hebben dat je het hebt gevonden, raakt voor mij het wezen van ons bestaan. Ik wens ook dat zij dit mogen ervaren in de lessen waar ze zelf niet om gevraagd hebben. Dat zij er toe doen, los van hun falen en talenten. Ik hoop daarom dat grote mensen steeds naar hun woorden en signalen blijven kijken en luisteren, zoals we ook naar baby's kijken. Hun tekens niet afdoen als kinderachtig, betweterig, eigenwijs, ongeïnteresseerd of wegstoppen met pillen. Kinderen kennen de wetten van de natuur. Ze zijn onze tijd ver vooruit. Altijd. Zij hebben bovendien allemaal een verhaal, dat ze met zich meedragen en niet zomaar, maar misschien ook niet zonder reden met je delen. 

 

Het zijn tekens van de tijd die de moeite waard zijn om gehoord te worden. En als je luistert, echt goed luistert naar kinderen en pubers, dan krijg je met liefde...... alle antwoorden.