Een peil er op trekken

 

De groenteman staat bij me in de keuken te praten. Eén keer in de twee weken komt hij langs met groente en fruit. Soms is er niemand thuis, dan legt hij de bestelling die ik op een briefje schrijf, op het bankje. Betalen kan later dan wel. Zo gaat dat hier.

 

Bij het boodschappen doen houden we rekening met zijn komst. Zelfstandig ondernemers hebben altijd een streep voor. Dat is ook de schuld van vroeger; ik heb gezien hoe hard werken het is.

‘Vandaag heb ik veel nodig, maar ik weet nog niet precies wat,’ zeg ik. Morgen komen er zo’n 15 mensen eten. Oei, zegt ie. Wat mooi ja. Ja, zeg ik. Ik ben een bofkont. Sommigen van hen komen koken en anderen nemen instrumenten mee. Ik steek het vuur erbij aan. Het wordt vast een mooie avond. Ik moet alleen nog even bedenken wat ik in huis zal halen.....

 

Ja, zegt ie. Ik ken het, dat je spul in huis moet halen voor zoveel mensen. En hij begint te vertellen: Je maakt een inschatting van wat ze drinken, en hoeveel. Zo had ik laatst twintig gasten op bezoek, waarvan vijf coladrinkers. Dus ik had bedacht 5 glazen pp; zo’n vijf flessen. En eentje op reserve. Dacht ik. Naast de andere drankjes.

 

Dus toen ze zo’n beetje binnen waren ging ik bij ze langs om te vragen wat ze wilden drinken. Zegt de eerste: Wat heb je? Hij kijkt me aan en zegt: ‘Dus ik noem het klassieke rijtje op: bier, wijn, alcoholvrij, sapje, cola. De man peinst en zegt: ‘Wat voor sapje? Och, zeg ik: Appelsap, dubbel, sinaasappelsap. Het is even stil. In mijn huis ook en de groenteman kijkt inmiddels naar de grond. ‘en dan zegt de eerste: ‘Doe mij maar us een glaasje jus d’orange....’ Zich gretig in de handen wrijvend. De tweede hoort het. ‘Weet je wat? zegt hij. Doe mij dat ook maar us een keer. En de derde ook. En zo ging het verder...

 

Dan kijkt hij me blozend aan, en zegt: ‘Ik had welgeteld nog één liter jus d’orange staan. Bijna overdatum. Ja, die is nu op.... en die zes flessen cola?... die staan inmiddels in de garage me aan dit festijn te herinneren...’