Langs het water



Ik ben in de stad. Groningen. Ik loop vanaf het station langs het water om in het plantsoen een paar bekenden te zien. Misschien wat samen muziek te maken. Zo fijn. Ik kijk om me heen. Hoe anders loop ik door deze straten dan 25 jaar geleden, toen ik hier woonde. De gebouwen zijn op dit stuk nagenoeg gelijk gebleven. Aan de buitenkant. Daar waar nu terrasjes zijn, was dat geen afwerkplek van drugsverslaafde prostituees? In een huis langs de Lage der Aa, had ik daar eens een feestje? Verder langs De Vissersbrug, waar ik regelmatig m'n fiets niet van het slot kreeg. Dat had niets met m'n slot of sleutel te maken, wel met het cafe dat daar toen zat. Havenzicht. Het is gesloten, zie ik. Nog maar net, geloof ik. De volgende keer als ik het passeer is het omgetoverd tot woonhuis. Ik werp daarom nog één keer een blik naar binnen, alsof ik de geschiedenis in kijk. De bar is er nog. De tafels en het biljart staan nog op dezelfde plek. Nog één keer zie ik mezelf daar zitten. Beetje spelen en flirten met de jongens. Of pogingen daartoe. Gut wat waren we hongerig en dorstig. Wat een tijd. Nu gaan nieuwe fanfares met dezelfde muziek door deze straten. Ik ga verder en kijk opnieuw over het water rechts van me. Ik blijf even staan. 


Noorderhaven is de mooiste haven van deze stad besluit ik. Als ik het plantsoen in loop zie ik hoe groot en fraai de bomen zijn. Hoe het licht er op valt. Daar had ik 25 jaar geleden geen oog voor. En terwijl ik doorloop probeer ik terug te halen waar ik dan wel oog voor had. Zag ik de vrijheid die je geniet als de wereld wacht en aan je voeten ligt? Of was het toch vooral die lange leuke vent die zo geduldig luisterde toen ik een liedje zong, die door mn hoofd danste? 


Nog even en ik ben waar ik wil zijn. De muziekkoepel is het doel. Ik kijk in het water van het plantsoen. Wat zal ik over 25 jaar als ik hier nog eens loop, van wat er vandaag door de wereld gaat herinneren? Waarschijnlijk niet zoveel, dus wat zal ik me druk maken. Als iets het bestaan draagt en het leven kleur geeft, dan zijn het toch vooral de mensen om je heen en muziek die met je meeloopt. Gillian Welch heeft een nieuwe plaat. Te gek! En ik ben waar ik wil zijn. Ik zie bekende gezichten. Zo fijn. Het is een mooie dag. Ik ben een bofkont.