Symbiose



Deze zomer leef ik 25 jaar met Marcel. En dat vind ik bijzonder. We zijn allebei namelijk niet zo goed in samenwonen. Eigenlijk zijn we allebei liever alleen. In onze stelletjescultuur wordt dat vaak niet begrepen. Ik voel me in die zin verwant met mensen die alleen wonen, en dat ook willen. Ik snap dat. 

Het lukt ons niet om uit elkaar te gaan. We hebben daartoe de afgelopen 25 jaar ook geen serieuze pogingen ondernomen. Ik weet niet of dat liefde heet. Het kan net zo goed symbiose heten. Het is er of het is er niet. 

Ondertussen gaan we door de tijd, gunnen elkaar het volle leven, zijn voor onze kinderen denk ik een aardig team. Als we dan wel iets samen doen kan dat zomaar heel tof zijn of heel kut. Net hoe de wind staat. Net zoals je met al je relaties kunt hebben. Zoals iedereen een stukje van mij kent en is. Zoals ik een stukje van een ander ken en ben. Uiteindelijk zijn we een netwerk van verbindingen. Soms denk ik dat zo moet zijn, hoe het was en nu is. Dat het in de sterren staat; de zon staat immers in mijn huis. 

Soms vrees ik de dag dat er iemand komt vragen wat het geheim is van relaties. en dat ik dan geen antwoord klaar heb. Waarschijnlijk zeg ik dan goede sex, af en toe, want dat staat nooit in de krant. Daar hoor je nooit iemand over. Terwijl het soms zo eenvoudig en soms zo complex is om je open, eerlijk en kwetsbaar op te stellen. En zo tof als het vanzelf gaat. Als je iemand net kent, en ook als je iemand langer kent. Dan gebeurt er iets. Hoe het ook zij, voor mij is het leven een groot geheim. Net als de dood. Ik heb de antwoorden niet. Er is nog veel moois te ontdekken.