Gauw Pasen


In het dorp waar ik vandaan kom, waren 45 jaar geleden wel twintig verschillende kerkgenootschappen. Iedereen hoorde wel ergens bij. Wij waren katholiek. En daar waren er niet zoveel van, want hoewel katholieken de eerste bewoners waren van Valthermond waren zij inmiddels zo'n beetje uitgeroeid door andere genootschappen. En daarom gingen we op zondag naar de kerk op Zandberg. Daar was ik graag. Daar was ik thuis. 


Op de christelijke lagere school wist ik zeker dat ik er niet bij hoorde omdat ik katholiek was. Bijna iedereen ging naar de hervormde kerk, en ik niet. Ik hoorde daar niet echt bij. Toen ik op mijn twaalfde vol geluk de meester op school over mijn Heilig Vormsel vertelde, reageerde hij niet zo enthousiast als ik was. Niet met opzet hoor, hij had gewoon geen idee van katholieken en hun malle gewoontes. Ik kon mijn geluk met niemand delen. Mijn klasgenoten snapten er ook niks van. 


Om te zorgen dat ik er wél bij zou horen ging ik daarom naar een katholieke middelbare school. Daar zou het wel anders wezen. Daar zouden ze wel begrijpen hoe mooi het is om het Heilig Vormsel te mogen ontvangen, en wat dat voor mij betekende. Dat bleek een vergissing. Ik denk niet graag terug aan mijn middelbare schooltijd. Het was niet zo'n rampzalige tijd als waar mijn moeder in haar puberjaren doorheen moest, maar lang liep ik toch het liefst met een boog om deze periode heen. Aan de buitenkant zie je dat niet. Wat je wel kunt zien is dat mede doorheen de toestand die ik heb opgelopen, altijd zoek naar verbindingen. En hoe dat mijn leven kleur geeft. Steeds opnieuw. Nu ben ik uit protest op papier inmiddels niet meer katholiek. Maar je roots verlaten je nooit, het Vormsel is nog net zo heilig als het ruim 32 jaar geleden was, misschien nog wel meer dan toen...


Zo zat ik er vanmorgen een beetje aan terug te denken, nadat ik een tekst voor me zag over homoseksuele kinderen en pubers op gereformeerde scholengemeenschappen. Hoe zij worden uitgesloten. En zat te denken over als er dan een God bestaat, hoe die dan lijdt. Er is wat dat betreft in de afgelopen 2000 jaar nog niet zo heel veel veranderd toch. 


Ondertussen bouwen de vogels om het huis gewoon hun nesten. Om me heen zie ik hoe ik het nieuw leven op komst is. Het nieuwe leven dat voor mij steeds groter, sterker, mooier gebleken is dan de pijntjes die je meezeult. Ik voel me misschien wel beter dan ooit. En ik ben niet de enige die dit pad loopt. Er zijn er veel die dwars door het gevoel van het in de steek gelaten te worden heen, hun weg vinden en hebben gevonden. Ja het zijn er heel veel die ergens een nieuw warm nest vinden waar ze kunnen groeien en kunnen uitvliegen. Zo'n nest wens ik de kinderen van Gomarus ook toe. Ik hoop dat het voor hen, en voor iedereen die zich om wat voor manier dan ook in de steek gelaten is of zich zo voelt, gauw Pasen is.